Mijn oma en mijn moeder leerden me breien en haken toen ik een jaar of tien was. Ik vond het geweldig en maakte toen al van alles: truien, vesten, tassen, gordijntjes… noem maar op.
In mijn puberteit raakte het handwerken wat op de achtergrond. Er kwamen andere dingen en andere prioriteiten. 😉 Toen de kinderen klein waren, maakte ik af en toe nog wel iets, maar tijd was meestal het grootste probleem.
Zo’n zes jaar geleden veranderde dat. Ik werd ziek door Long Covid en had ineens veel meer tijd. Om toch iets om handen te hebben, pakte ik mijn haaknaald en breinaalden weer op.
In het begin werkte ik vooral met bestaande patronen. Maar al snel begon het te kriebelen om zelf iets te ontwerpen. Een idee uitwerken, uitproberen, weer uithalen en opnieuw beginnen… ik vind het ontzettend leuk.
En toen dacht ik: waarom zou ik die ontwerpen niet uitschrijven?
Zo ontstonden mijn eerste eigen patronen. Als ik daar vervolgens ook anderen blij mee kan maken én met de opbrengst weer nieuw garen kan kopen, is de cirkel mooi rond. Zo blijft mijn hobby zichzelf een beetje bedruipen.